vrijdag 11 januari 2019

Vrolijke vakantieverhalen en vulkanen



Na twee weken kerstvakantie was het op maandag een fijn weerzien in de klas. We hadden veel te vertellen. Zo hadden sommige Banaantjes feest gevierd en naar het vuurwerk gekeken, anderen waren op reis geweest naar het warme Spanje en Sumaya? Zij was naar Londen geweest. ‘In Londen rijden er treinen onder de grond’, zei ze hierover. Maar zijn het dan treinen? We zochten het uit en kwamen te weten dat dit dan geen trein, maar een ‘metro’ wordt genoemd. ‘Dus een trein rijdt boven de grond en een metro onder de grond’, zei Soha. En samen met Sumaya maakte Soha hier een onderzoek rond.

 
Ot had ook iets spannends meegemaakt. Haar haren waren plotseling veel korter dan voor de vakantie. ‘Mansje heeft mijn staart eraf geknipt’, vertelde ze. En toen haalde ze plotseling haar staart uit een zak. ‘Nu heeft Ot korte haren’, zei Mira. Maar wie heeft er eigenlijk allemaal korte haren in onze klas? In de namiddag zochten Ot, Mera, Wanda, Annelore en Marie dit uit. Ze tekenden een kindje met korte haren aan de ene kant en een kindje met lange haren aan de andere kant. Ze keken naar de haarlengte van elke Banaan in onze klas. Dan namen ze het symbooltje en stempelden ze het aan de juiste kant. Op het einde van de dag keken we van welke er het meeste waren.

 



Annelore vertelde enthousiast over haar nieuwe schoenen. Die hadden leuke, wiebelende flapjes. We konden zulke flapjes ook zelf maken. We namen een papier en knipten er strookjes in. Dan bonden we deze rond onze enkels met plakband. Als we dansten, gingen deze flapjes op en neer. Dat vonden we fijn.



Op dinsdag bracht Noah een knuffel mee. Het leek op een eend, maar was het wel een eend? Een groep kinderen ging met Lana naar het documentatiecentrum op zoek naar een weetjesboek over watervogels. We bladerden door het boek en zochten naar een dier dat leek op de knuffel van Noah. We moesten letten op het bruine en het zwarte van de ‘eend’. We zochten, en zochten,… En we vonden het antwoord ook! We ontdekten dat het geen eend, maar een Canadese Gans was.


In het documentatiecentrum gingen we tegelijkertijd ook op zoek naar weetjesboeken over… Vulkanen en dinosaurussen. August bracht een dino mee en vertelde ons dat de dinosaurussen uitgestorven zijn door de vulkanen. Sommigen wisten wat een vulkaan was, maar anderen nog niet. En hier wilden we wel meer over weten. We vonden wel vier boeken over dit onderwerp. ‘Een vulkaan is een berg met vuur’, zei Wanda.


Zouden we zelf ook zo een berg kunnen maken? We gingen aan de slag met klei. Eerst maakten we de klei warm met onze handen zodat we deze goed konden kneden. Ondertussen zorgde Ludo voor twee grote houten planken waar we onze vulkaan op konden bouwen. In de namiddag kwamen er enkele Duiveltjes langs in onze klas en ze hielpen ons verder met het landschap. We schilderden de vulkaan bruin en zwart, we maakten nog bomen en dinosaurussen uit klei én we schilderden zelfs een rivier met vissen. Wat zag het er al leuk uit!



Op woensdag werkten we hier nog even aan verder, samen met enkele Vuurvliegjes. Tobin bracht een lavasteen mee. ‘Pas op, want die zal wel warm zijn!’, vertelde Klara. We voelden en ontdekten dat deze koud aanvoelde. ‘Ja, want de oranje lava is er al lang van afgespoeld’, zei Tobin.

Op donderdag luisterden we naar spannende muziek en beeldden we een vulkaan uit die uitbarstte. Nadien deden we dit op papier met wasco en waterverf. Er verschenen prachtige vulkanen.

We kregen ook nog post over de ijsberen. De Regenboogjes willen ijs voor ons maken, maar hoe moeten ze het ijs dan naar de ijsberen brengen zonder dat het smelt? Daar denken we nog over na. Ook van de Bijtjes kregen we post.

Op het einde van de dag vierden we de verjaardag van Mera. Zij werd in de kerstvakantie zes jaar. We knutselden een verjaardagsboek, een kroon én aten lekkere cakejes. Hoera voor Mera!

Op vrijdag was het dan zover... We maakten een brouwsel van bakpoeder, afwasmiddel en azijn. En zo lieten we onze vulkaan uitbarsten. Wat vonden we dit spannend! Zoals elke vulkaan moest ook de onze nog een naam krijgen. We doopten hem tot de 'Bananenvulkaan'. We eindigden onze week met de muziekronde van Divano. Hij leerde ons het liedje 'op een klein stationnetje' aan.  

 
 
 

donderdag 13 december 2018

IJs voor de ijsberen!





 

Tuur bracht op maandag een knuffel mee naar de klas. Een ijsbeer. Mera vertelde dat de ijsberen aan het uitsterven zijn. Maar wat betekent dat eigenlijk? ‘Dat wil zeggen dat er bijna geen ijsberen meer zijn’, zei August. ‘Ja, want de ijsbergen worden kleiner’, vulde Wanda nog aan. ‘Omdat het warmer wordt en ijsberen hebben ijs nodig’. En dat vond iedereen wel jammer. ‘Ik vind ijsberen heel mooi. Kunnen we ze niet helpen en hoe dan?’, vroeg Tobin. En dat was een goede vraag. We besloten om post te maken voor de andere klassen, want misschien weten zij wel hoe we kunnen helpen. Mera en Wanda knutselden de post. Ze maakten ijsbergen met watten. Een grote, een middelgrote en een kleine berg. Op de grote zit een ijsbeer die heel gelukkig is. Op de anderen niet, ‘want daar zijn de ijsberen niet meer gelukkig’, vertelden de meisjes. De post werd in de namiddag aan de andere klassen bezorgd.
 

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
Klara en Divano toonden enkele speelgoedauto’s. Ze waren niet allemaal even groot. De ziekenwagen was groter dan de racewagen. We zetten de wagens van klein naar groot. Wat een lange rij! We namen er een foto van en hingen deze op in de bouwhoek. Konden we de rij opnieuw maken? Marie probeerde dit uit.
We begonnen aan onze nieuwjaarsbrieven. Wat een werkje! Maar we vonden het wel heel leuk om te doen. Want schilderen met een tandenborstel? Dat hadden we nog nooit gedaan!


Op dinsdag kwam de mama van Tuur langs in onze klas. Ze toonde verschillende snaarinstrumenten. Een viool, een gitaar en een strohviool. We hadden enkele vraagjes voorbereid, want hoeveel snaren heeft het instrument? Hoe klinken de verschillende snaren? Uit welk materiaal is het instrument gemaakt? Mama Elke speelde enkele liedjes. Wat vonden we dit fijn!

Woensdag kregen we post van de Regenboogjes én van de Duiveltjes. De Regenboogjes wilden ijs maken voor de ijsberen. Maar hoe gingen ze dit doen? We schreven een briefje terug. Ze lieten ons weten dat ze een kommetje water in de diepvries gingen zetten. ‘Het vriest ook buiten’, zei Soha. Zou het water dan ook misschien zo kunnen bevriezen? Mera, Klara en Marie zetten enkele kommetjes met water buiten en wachtten in spanning af. Rhuna van de Duiveltjes kwam ons vertellen hoe we de ijsberen nog kunnen helpen. ‘Door minder met de auto te rijden, want dat is niet goed voor het klimaat. En door het licht uit te laten’, vertelde ze ons. ‘En ook zeker door de deuren dicht te doen als de verwarming aanstaat’. Rhuna nam enkele Banaantjes mee naar de Duiveltjesklas om hier een werkje rond te maken.

Donderdag gingen we buiten een kijkje nemen. Het was zo koud, dus het water moest toch bevroren zijn? En ja hoor… Ons water was ijs geworden! We keken op de thermometer en die gaf – 3° C aan. We leerden dat zolang het aantal graden onder het vriespunt, dus onder 0 blijft, het water ook ijs zal blijven. Maar wanneer het aantal graden boven nul gaat, zal het ijs weer smelten. De Regenboogjes kwamen ook vertellen dat het water in hun waterbak bevroren was. Dat gingen we ook eens bekijken! ‘Hopelijk blijft het ijs, want dat vinden de ijsberen wel leuk!’, zei Noah. In de namiddag gingen we nog eens kijken, maar het ijs was jammer genoeg al gesmolten…


In de namiddag vierden we ook nog de verjaardag van Mira. Zij werd drie jaar! Hoera voor Mira! We zongen en dansten, knutselden een verjaardagsboek, een prachtige kroon én we aten lekkere cake.
Op vrijdag werkten we nog even verder aan onze nieuwjaarsbrieven en in de namiddag was het tijd voor atelier.

vrijdag 7 december 2018

Marsepein en mandarijn



‘Er staat een tentje in onze tuin!’, riepen we op maandag allemaal in koor. Een tentje? Hoe was dat daar gekomen? ‘Ik denk van Sinterklaas en Zwarte Piet, want er hing een handdoek met zwarte handen op een touw’, vertelde Mera. En dat moesten we met onze eigen ogen zien. We trokken onze jas en schoenen aan en gingen een kijkje nemen. ‘4 handen! Er staan 4 zwarte handen op de handdoek!’, riep Marie. Maar ook een washandje én een pietenbroek hingen aan de waslijn. We lazen de post en toen werd het ons helemaal duidelijk. Het was inderdaad een tent van Sinterklaas en Zwarte Piet. Ze logeerden in de tuin en ze waren in het weekend in de klas geweest, want ze hadden een pietenmuts én een pluim achtergelaten. Wat vonden we dat spannend!

Bij onze post zat er ook een spelletje dat Sint en Piet voor ons hadden gemaakt. Een Sinterklaasmemory. Dat vonden we heel erg leuk om te doen.

 
Een muts, een pluim, een pietenbroek,… We kregen plotseling ontzettend veel zin om ons te verkleden. Annelies haalde de verkleedspullen boven en we speelden Sinterklaas en Zwarte Piet op het dak. Ook Slecht Weer Vandaag was van de partij, want daar gebruikten we het stokpaard van Divano voor. Nog wat leuke liedjes op en spelen maar!

 
We pakten enkele kartonnen dozen waar we cadeautjes van maakten. We pakten ze in met krantenpapier en een lintje. Maar het inpakken bleek toch niet zo eenvoudig te zijn, dus maakten we een stappenplan. Dit hingen we op aan de muur.

In de namiddag was het tijd voor de muziekronde van Wanda. Zij had een liedje over ‘boeboeks’ gekozen. Gekke wezentjes die allemaal gekke dingen doen. We vonden het een heel erg leuk lied! We werkten ook nog verder aan onze pietenmutsen.

Op dinsdag kregen we opnieuw post van Sinterklaas. Een verhaaltje! Enkele Monstertjes waren in de voormiddag in onze klas en lazen het verhaal voor. We gingen opnieuw naar het tentje kijken, want Annelore had gezien dat er iets veranderd was. We gingen kijken en we zagen twee stoelen, een thermos en een kommetje staan. ‘Zouden ze hier gegeten hebben?’, vroeg August. Zo leek het wel… Dat vonden we heel spannend!

 
Mera bracht enkele kartonnen dozen mee. Deze gebruikten we om een schoorsteen te knutselen. Met het stappenplan maakten we pakjes die we nadien in de schoorsteen stopten. In de namiddag was het tijd voor poppenkast. De jongsten luisterden naar een poppenkastverhaal bij Annelies, de middelste kleuters bij Stephanie en de oudsten bij Hilde en Nathalie. Enkele Vuurvliegjes kwamen naar onze klas en leerden ons hoe we een Sint en Piet konden tekenen.

En… Onze post vertelde ook dat we ons schoentje mochten zetten. Dit deden we op het einde van de dag. We stopten onze tekeningen in onze pantoffel en gingen vol spanning naar huis.

 
En dan was het zover… Op woensdag lag er een lekkere verrassing op ons te wachten. Er was gestrooid! Letterkoekjes én een mandarijn. Mmmmm…. Dat heeft ons écht gesmaakt! Tobin kreeg marsepein. ‘Marsepein en mandarijn, dat rijmt!’, zei Ot. We kregen het idee om allemaal rijmwoorden te verzinnen: baard en paard, cadeau en bravo, sinterklaas en speculaas,… We vonden er een heleboel.
Op donderdag kwamen Sinterklaas en Zwarte Piet langs in onze klas. Dat vonden sommigen onder ons wel heel spannend. ‘Zo spannend dat mijn buik kriebelt’, zei Noah voordat de Sint onze klas binnenstapte. Sinterklaas ging op de grote stoel zitten die de Banaantjes nog mooi hadden versierd en vertelde ons dan hoe flink we waren geweest. Hij gaf ons een zak vol met cadeautjes en Zwarte Piet gaf ons een snoepgoedzakje vol met lekkers.
Dankjewel Sint en Piet!

We gingen turnen met Ilse en we verdienden een écht pietendiploma. Proficiat aan alle Banaantjes!

Na de middag konden we onze pakjes eindelijk openmaken. Dit deden we op een leuke manier. Annelies zette sinterklaasmuziek op en de pakjes gingen rond. Wanneer de muziek stopte, mocht dat Banaantje het cadeautje openmaken. We kregen van de Sint onder meer een vloerpuzzel, gezelschapsspelletjes, een nieuwe automat,… Wauw!

Op vrijdag gingen we over tot de verwerking van het Sintfeest. Sommigen wilden een tekening maken, anderen wilden knutselen. Enkele oudsten en middelsten begonnen samen met Annelies aan de nieuwsbrief die helemaal in het teken staat van Sinterklaas.

Kortom, we blikken met een voldaan gevoel terug op een leuke Sintweek!